Toledot 2021

Toledot betekent ‘verwekking’ of ‘het voortgebrachte’ en de parasha van deze week gaat iets dieper in op de geboorte van Ja’akov en Esav. Deze 2 broers vochten elkaar in de baarmoeder als het ware al de tent uit over wie nu als eerste geboren moet gaan worden. Dat was natuurlijk in die tijd wel belangrijk. Er werd gezegd: “De oudere zal de bediende van de jongere zijn”. De oudste zoon was in de oude cultuur van Jisraeel verantwoordelijk voor het voortduren van het geestelijke erfgoed. Dit erfgoed bestond uit het bewaken van de beloften die door G’d gemaakt waren. Het dragen van deze verantwoordelijkheid was niet de meest makkelijke verantwoordelijkheid, en het vroeg daarom een zuiver karakter (van de oudste zoon).
 
Ja’akov en Esau een tweeling die wel erg veel verschilden. Esau de Jager en rebelse en Ja’akov die veel rustiger en introverter was en zich veel meer conformeerde aan de regels en tradities. Je zou ook kunnen zeggen dat deze tweeling beide iets apart vertegenwoordigde wat in een mens zit opgesloten. We hebben allemaal ons goede stemmetje (Ja’akov) in ons maar ook het slechte  stemmetje (Esav) in ons. Het is aan ons zelf om te bepalen en te sturen welke van de twee de overhand krijgt. En daarnaast lag het in Esavs karakter opgesloten om aan de buitenkant de hele andere kant te tonen. Als het ware een wolf in schaapskleren. Dusdanige schaapskleren dat zijn vader Jischak hem zou willen zegenen. Terwijl zijn moeder Rivka veel meer de echte Esav te zien kreeg en dus graag zou willen dat Jitschak juist Ja’akov zou moeten zegenen. En dat was wel belangrijk want degene die gezegend zou worden zou mede stamvader worden van het Joodse volk. Uiteindelijk heeft Rivka het voor elkaar gekregen dat Jitschak tovh Ja’akov heeft gezegend en niet Esav. Daardoor is Ja‘akov dus de derde stamvader geworden. En dat merk je natuurlijk ook omdat de eerste zin van onze zegening (Misjeberach) niet is: Mi sjeberach awoteinoe Awraham, Jitschak weEsav maar weJa’akov.
 
Maar eigenlijk gaat Toledot ook over generaties en tradities en dat loopt natuurlijk wel erg parallel aan waar het Jodendom en ook Masorti voor staat. Masorti betekent namelijk ook traditie. Het overdragen van de tradities aan de volgende generatie. Als er geen tradities meer zijn heb je namelijk ook niets meer om over te dragen. Dat is namelijk waardoor het jodendom kan voortbestaan. Zouden we dat namelijk niet meer doen dan is er in de volgende generatie geen jodendom meer. En hoe sterk de hang naar traditie in de mens zit laten de discussies op social media vandaag de dag zien. Bijvoorbeeld in de zwarte pieten discussie. Het gaat de voorstanders van zwarte piet helemaal niet om het feit of die man nou zwart, rood, geel, groen of met roetvegen is. Het feest zal er echt niet minder om zijn en de cadeautjes ook niet. Het gaat over het opgeven van een traditie en dat voelen de mensen tot in hun diepste vezels.

En dat geldt dus ook voor onze Joodse tradities zoals het gevaar van de afschaffing van de sjechieta of zelfs de afschaffing van de Briet Millah.
Waar her en der ook stemmen over op gaan. Maar ik noem ook de problemen die sommige hebben met het dragen van een hoofddoek, of sommige Joden die niet meer met een keppeltje over straat durven te lopen. Wat te zeggen van mensen dien vinden dat je in een Moskee of Sjoel de mannen en vrouwen niet apart mag laten zitten omdat dit vrouwonvriendelijk en niet van deze tijd  zou zijn………
 
We moeten er voor waken dat niet alle tradities 1 voor 1 worden weggehaald. Die pijlers onder ons bestaan hebben we nodig om houvast te hebben aan wat het leven verder te bieden heeft. Net zoals we de tradities absoluut nodig hebben voor het voortbestaan van het Jodendom. Tevje zei het al in Fiddler on the roof:
Door onze tradities weet iedereen in ons dorp wie en wat hij is en wat G’d van ons verwacht.
 
Ik wens iedereen Sjabbat Sjalom.
 
Alex Waterman
6 november 2021

Simchat Thora 2021

Het lezen uit de Thora staat centraal in de dienst in de synagoge op Sabbath-ochtend, op de ochtenden van feest-en vastendagen en op sommige diensten in de middag. In de loop van één jaar wordt de gehele Thora uitgelezen en dan weer wordt de lezing van voren af aan begonnen. De Thora is verdeeld in 54 afdelingen, sederoth en soms worden twee afdelingen op éénzelfde Sabbath voorgelezen zodat dus toch na één jaar de gehele voorlezing van de Thora rond is.

De Thora bestaat uit de vijf boeken van Mosje. In het eerste boek van de Thora, Beresjiet geheten, waarmee we vandaag gaan starten, wordt verteld van de schepping van de wereld. Wie kent de eerste woorden uit de Thora niet? In het begin schiep G’d de hemel en de aarde. Verder wordt verhaald van de zondvloed, terwijl de lotgevallen van de drie aartsvaders Awraham, Jitschak en Jaäkov een grote plaats innemen. Aan het einde van Beresjiet wordt de geschiedenis van Joseef aan het hof van de pharao van Egypte verteld en dat de Joden zich in Egypte gingen vestigen.

Het tweede boek van de Thora, Sjemot, vertelt van de lotgevallen van de Joden in Egypte, van hun slavernij maar ook hun bevrijding uit de slavernij na de Tien Plagen en de doortocht door de Schelfzee (Rode zee vaak genoemd). Tevens vertelt de Thora van de wetgeving op de berg Sinaï en van de zwerftochten van het Joodse volk in de woestijn.

In het derde boek van de Thora, Wajikra, wordt gesproken over vele wetten die betrekking hebben op de priesterstam binnen het Joodse volk, de stam Levie en over de vele voorschriften die te maken hebben met de offers. Ook de bouw van de tabernakel, het heiligdom in de woestijn, wordt besproken.

In het vierde boek van de Thora, Bemidbar, wordt ingegaan op de zwerftochten van het Joodse volk in de woestijn, de opstand van Korach tegen Mosje, de botsingen met omringende volken, het optreden van de heidense ‘profeet’ Balak.

In het vijfde, laatste boek van de Thora, Debariem, wordt door Mosje ingegaan op de gebeurtenissen tijdens de veertigjarige zwerftocht door de woestijn en beschrijft de situatie van de Joodse volk vlak voor het binnentrekken van het Beloofde land.

Uiteindelijk eindigt alles met de dood van Mosje.

De man die het laatste stuk van de Thora voorleest heet de chatan Thora, de bruidegom van de Thora. Het is of er een symbolisch een huwelijk bestaat tussen de Thora en het Joodse volk. Het laatste gedeelte omvat onder andere het verhaal van de dood van Mosje. Daarbij wordt tevens vermeld dat G’d Mosje begraven heeft op een onbekende plaats. Zo worden bedevaarten naar de laatste rustplaats van een heilige of vooraanstaande figuur voorkomen. Als de chatan Thora het laatste stukje van de Thora heeft voorgelezen begint de chatan Beriesjiet, de bruidegom van het begin van de Thora de voorlezing van het begin van de Thora. De verhalen die betrekking hebben op de schepping van de aarde, van planten- en dierenwereld en van de mens.

Met het lezen uit de Thora op Simchat Thora wordt de cyclus van één jaar voorlezen uit de Thora beëindigd, met een droevige noot, namelijk met de dood van Mosje. Maar op dezelfde dag toont het Jodendom zijn optimisme om als het ware geheel opnieuw te beginnen en wel met het voorlezen van het allereerste begin van de Thora, de schepping van wereld, dier en mens. Er is dus niet alleen een slot aan het lezen uit de Thora maar ook steeds een nieuw begin.

Dat is namelijk een van de kernelementen van het Jodendom. Het optimisme om steeds weer opnieuw te beginnen. Het Jodendom heeft de eeuwen weten te trotseren. Het joodse volk heeft ondanks alles weten te overleven, niet alleen als cultuur en G’dsdienst maar ook als leefwijze, als volk, als groep,. Wij hebben dat optimisme allemaal geërfd. De mensen die de oorlog hebben overleefd hadden dat optimisme ook heel hard nodig. Het is een soort overlevingsdrang dat zich onbewust op de automatische piloot schakelt.

Laten we G’d danken dat we deze mogelijkheid in onze genen hebben meegekregen. En het zit echt in de genen…..anders kan het toch niet zo zijn dat onze families die de oorlog hebben overleefd – en tijdens die oorlog in veel gevallen alles zijn kwijtgeraakt – na de oorlog de draad weer hebben kunnen oppakken en zelfs nog vrolijke momenten hebben gekend? Hoe sterk moet je zijn om weer te kunnen lachen als jij als enige van jouw gezin bent teruggekeerd? Laten we daaraan ook denken als we met verlies te maken krijgen. En we hebben wellicht allemaal zoals we hier aanwezig zijn het afgelopen jaar met verlies te maken gehad. Verdriet, verwerken en weer doorgaan……..Denk altijd dat waar er een eind is er ook weer een begin moet zijn. Dat er een nieuw begin is zien we ook aan onze beide Chataniem. Kijk naar Max die samen met Ilana gaan genieten van hun leven als grootouders. En ik kan jullie uit ervaring vertellen dat dat leven heerlijk genieten is. Ik hoop oprecht dat jullie tot in lengte der dagen mogen genieten van Dinah bat Zwi ha Levi, jullie kleindochter. En kijk dan ook naar Yehuda die samen met Joyce niet lang gelden ook een gezinsuitbreiding hebben gehad van een lieve dochter. Ook zij staan aan het begin om een leven als gezin te gaan starten. Ook jullie wens ik veel voorspoed en geluk met jullie gezin.

Ik wens verder iedereen een heel positief jaar met veel geluk en gezondheid in het verschiet. En laten we hopen dat het komend jaar de Corona verschrikkingen zijn afgelopen en we met zijn allen weer terug kunnen keren naar het normale leven zonder beperkingen.

Omijn.

Alex Waterman

2 oktober 2021

Derasja Rosj haSjana 2021 – 5782

Schepping en koningschap

Rosj hasjana behoort tot de plechtige hoge feestdagen. In tegenstelling tot de vrolijke pelgrimsfeesten, welke vooral landbouwfeesten, oogstfeesten, zijn en daarnaast gekoppeld worden aan ons volksbestaan in het land, is Rosj haSjana het feest waarop de gehele wereld wordt geoordeeld en het lot over diverse zaken voor de komende jaren, of dan tenminste voor het nieuwe jaar, wordt besloten. Een groot deel van de beide dagen zijn we bezig in gebed en reflectie; voortdurend bevestigen we Gods koningschap en bestuur over de wereld. We spreken Hem aan met Malkeinoe, onze koning, maar ook met Awinoe, onze vader. Het drukt ons gevoel uit: dat we tenminste trachten ons aan Zijn wetgeving te houden en dat wij onze levens willen laten leiden door trouw te willen zijn aan Zijn woord.

De erkenning van Zijn koningschap herinnert ons ook aan voorbije tijden. Rosj haSjana, het begin van het nieuwe jaar, is de verjaardag van de schepping van het Al; et kol ha-olam: van GEHEEL de schepping en niet enkel van de hemel en de aarde: et hasjamajiem we-et ha-arets. Ergens in de gebeden stellen we dat ‘deze dag het begin is van Uw werken, de herinnering aan de eerste dag.’ In de Talmoed (RH 27a)leren we dat dit de opinie is van rabbi Eliezer, die berekende dat de schepping plaatsvond in de maand tisjri.

Echter is de betekenis van ‘Beriat ha-olam – schepping van het Al’ niet zo duidelijk als het lijkt. In de Talmoed (RH 31a) leren we dat op vrijdag het scheppingswerk werd afgerond en Hij toen over ‘hen’ heerste. Daarom lezen we ook psalm 93 op vrijdagavond, waarin dit verteld wordt. Rabbijn Gedalia Schorr legt uit dat God de rest van het Al schiep voorafgaand aan de schepping van de mens, op vrijdagmiddag. Alles stond al voor ons klaar toen wij als mensheid onze intrede deden. Adam en Eva komen in een ‘volledig ingerichte wereld’ aan. Tot die tijd was God weliswaar de heerser over heel de schepping, maar zijn koningschap krijgt pas inhoud bij de schepping van de mens: het moment van de vervolmaking van de schepping. Daarom zeggen we dat deze dag het begin is van Zijn Werken. Volgens rabbijn Schorr was het moment van de schepping van de mens het begin van de erkenning van God als heerser, als koning over het Al. Tot die tijd bestond de hele schepping – het hele universum, alle hemellichamen en alles wat erop en ertussen was te vinden – zonder dat de Schepper zich koning kon laten noemen.

Waarom begint Gods koningschap pas met de schepping van de mensheid en niet bij het begin van de eerste dag, op die eerste zondag 25 eloel, de eerste dag van het scheppingsverhaal? Dan zou het niet vandaag, maar afgelopen donderdag 2 september ’21 jom tov zijn geweest. De mens bezit rede, kan logisch denken (de meesten althans) en maakt keuzes. De mens kan kiezen welke weg hij of zij gaat. Hij kan Gods wegen kiezen en kan zijn gedrag richten naar de Wil van God. De mens kan er echter ook voor kiezen on God en Zijn Wil te negeren en uitsluitend zijn eigen wensen en behoeften te volgen; een weg volgen die niet in overeenstemming is met Gods voorschriften. God is een democratisch koning – Zijn rechtssysteem is wellicht wat ouderwets. Een dictator dwingt zijn onderdanen een bepaalde weg op. Een goede koning wordt door zijn onderdanen op de troon gehouden en gesteund in zijn leiderschap. Een koning heeft leiding zolang zijn onderdanen zijn heerschappij aanvaarden.

Voor de schepping van de mensheid waren er vele creaturen; er waren nog geen onderdanen. Echter had geen van die schepsels de mogelijkheid om God als hun heerser te erkennen of af te zweren. Goudvissen, antilopen en cyclamen doen dat gewoonlijk niet. Slechts de mens is in staat deze keus te maken, uit vrije wil.

Zo is Rosj haSjana niet enkel de verjaardag van de schepping, of van de mens. Het is tevens de verjaardag van de start van Gos bewind over de mensheid. Wanneer wij Zijn heerschappij accepteren, erkennen we dat Adam en Eva de eerste koninklijke onderdanen waren. Met Rosj haSjana bevestigen we de keus die Adam en Eva reeds maakten, ondanks dat verboden-vrucht-verhaal. Sindsdien staat God met Zijn oordeel tegenover ons. Met de acceptatie van God als onze koning erkennen we ook dat we alle handelingen die we verrichtten en die niet in overeenstemming waren met de Goddelijke Wil, geen muiterij tegenover het Goddelijke Gezag waren. Van nature zijn we God toegenegen, de mens is van nature goed; het waren momenten van zwakte in onze toewijding; we waren ongeduldig en gaven toe aan onze verkeerde nijgingen, de jetzer hara, tegen ons betere oordeel van de jetzer hatov in. We wegen nou eenmaal soms af of verkeerd gedrag niet tóch lonender is dan goed oppassen. Een verboden vrucht is nu eenmaal voor veel mensen erg lekker, in ieder geval erg spannend. Door God te aanvaarden als onze koning vragen we God ons weer een jaar te gunnen; we verlangen er immers naar loyaal te zijn, zoals we dat eigenlijk telkens hebben geprobeerd. Onze zonden en overtredingenwillen we door God niet beoordeeld zien als daden van opstandigheid maar als fouten die we betreuren. Ons verstand wil ons steeds weer inprenten de fouten in ons gedrag niet te herhalen; onze emoties trekken ons echter van tijd tot tijd weer in de fout. We vragen steun dit te weerstaan, maak ons sterk – hajom ta’amtzeinoe – zeggen we aan het eind van de Moesafdienst, om beter met elkaar om te kunnen gaan en om sterker te staan in onze traditie. We willen goeden Joden zijn, goede mensen zijn.

Een nieuw jaar is gekomen. We hebben al dan niet goede voornemens en proberen ons ten opzichte van de ander een beetje beter, aardiger, toleranter, hulpvaardiger, geduldiger op te stellen dan we voorheen deden. Soms zal het lukken, soms zullen we weer vervallen in oud en vertrouwd gedrag. Vandaag zijn we ons hiervan wat extra bewust. Laten we hopen dat ons deze dagen van inkeer, van tesjoewa, vanaf nu tot eind Jom Kipoer een betere mentsj zullen maken. Mogen we allen ervaren dat het komende jaar een jaar zal worden van minder fouten onderling, van dienstbaarheid aan elkaar, van versterkte Joodse traditie, van leven, gezondheid, levensonderhoud, geluk en zegen. Dat wens ik u en mezelf en kol klal Jisrael toe.

Sjana tova.

Matot Masee 2021

Laat ik vandaag beginnen met te zeggen dat het me echt deugd doet om jullie allemaal weer in levende lijven te kunnen zien en niet, zoals de afgelopen anderhalf jaar alleen maar via zoom. Laten we met zijn allen bidden dat het ook zo kan blijven en dat we na de zomervakantie gewoon door kunnen gaan met het in levende lijve bezoeken van de Sjoeldiensten.
 
Vandaag lazen we de laatste 2 sidrot van Bemidbar. De voorlaatste Matot en de laatste sidra Masee. In deze sidrot voert Israël een oorlog tegen Midjan. Aan de stammen van Ruben, Gad en de helft van Menasse worden de Trans-Jordaanse gebieden gegeven op voorwaarde dat zij volmondig deelnemen in de gevechten om het land Kanaän te veroveren. De tochten van het volk gedurende de veertig jaren in de woestijn worden samengevat en de grenzen van Kanaän worden vastgesteld. De wetten betreffende het per ongeluk doden van een medemens en de asielsteden worden beschreven
 
Naast het opschrijven van een groot aantal feiten stellen de sidrot Matot-Masee  ook heel veel vragen;
–          over de rol van de vrouw;
–          de verplichting om belasting te betalen;
–          hoe je oorlog moet voeren en hoe je je dan moet gaan gedragen;
–          over de rol van gerechtigheid en wat de rechten zijn van de benadeelde of het slachtoffer en de familie;
–          over het bezit van land en eenieders persoonlijke verplichting een rol te spelen ten behoeve van het algemeen belang.
 
En aldus eindigt Bemidbar: Het volk van Israëls staat rustig bij de grens van het land Israël. Dit is het dan. Hun veertigjarige zwerftocht is voorbij en zij bereiden zich voor om hun toekomst onder ogen te zien. Maar om vooruit te kunnen kijken, moeten zij eerst terug kijken. Want ook hier gaat het spreekwoord op: Er is geen toekomst zonder een verleden. Een spreekwoord die met name in de huidige maatschappij en in deze tijd eigenlijk heel actueel geworden is. Je kunt beelden weghalen, namen veranderen, verhalen uit de geschiedenisboeken weghalen. Maar daarmee verander je de geschiedenis niet. Die geschiedenis vormt de basis van wie wij vandaag zijn. Uiteraard in de context van de normen en waarden uit die tijd. 
 
Daarnaast valt er volgens mij nog iets anders op in deze samengevoegde parashot. Het gedeelte van Masee bediscussieert de onderwerpen die betrekking hebben op het perfectioneren van het lichaam.
In Matot behandelt de Thora de mitswot die bedoeld zijn om ons zelf te ontwikkelen en te perfectioneren. Bijvoorbeeld de regels die gericht zijn op het afleggen van een officiële eed of belofte, zij bevat tevens de waarschuwing om alle woordelijke uitspraken in ere te houden, “kekol hajotsé mipien ja’asè,” “precies dat wat over zijn lippen is gekomen heeft hij te volbrengen”. Ofwel wat je beloofd dat moet je ook doen. Ik kom hier straks nog op terug.
 
Afgelopen zondag 4 juli was de onthulling van de Matseiwe op het graf van Bernhard of eigenlijk op de graven van Bep en Bernhard die vorig jaar herenigt zijn.
 
En als je denkt aan Bernhard, dan denk je aan de drijvende kracht achter het joodse leven in de polder, oprichter van het NIG Almere en Masorti Almere/Weesp. Een man die na de gruwelijkheden tijdens de Sjoah na de oorlog terugkwam met maar 1 heilige opdracht. Bewijzen !!!!!! Bewijzen dat de Nazi’s niet hun zin kregen. Bewijzen dat er nieuw Joods leven mogelijk was. Bewijzen dat je vanuit een onmetelijk verdriet nieuw geluk kan vinden. Rabbijn Stiefel zei het zo treffend: Bernhard was zoals een harde onbreekbare tak of stok. En dat was ie zonder de zachte inborst die hij bezat te verdringen. Oftewel een groot mensch met een heel klein hartje. Nog altijd wordt ie zeer gemist. Uiteraard binnen zijn familie maar ook erg binnen onze kehilla.
 
De waarschuwing waar ik het zojuist over had “kekol hajotsé mipien ja’asè,” wat je beloofd moet je ook doen zou ik nog op terugkomen. En wat je belooft moet je ook doen. Deze uitspraak doet mij denken aan een belofte die in het verleden gedaan is en die eigenlijk tot op vandaag door omstandigheden nog niet is ingelost. Ik denk terug aan het jaar 2007. Om precies te zijn 30 juni 2007. Dat was de dag dat ik hier op deze zelfde plek stond. Inmiddels 14 jaar geleden. Ik weet dat zo goed omdat dat een speciale dienst was ter ere van de 70ste verjaardag van Bernhard.
 
Ik sprak toen over de overeenkomst tussen Rav Aron Shuster (een bekende Rabbijn in het vroegere Amsterdam) en Bernhard. De overeenkomst namelijk dat naar allebei een Sjoel vernoemd is. Wij waren toen als bestuur namelijk van plan om deze Sjoel te vernoemen naar Bernhard. Om redenen die ik hier niet specifiek zal noemen is dat destijds helaas niet door kunnen gaan.
 
De belemmeringen echter die er toen waren zijn inmiddels, 14 jaar na dato, niet meer aanwezig en dus ben ik echt verheugd om namens het bestuur te mogen aankondigen dat deze Sjoel vanaf vandaag voor de Masorti  Kehilla Almere/Weesp door het leven zal gaan als de Bernhard Cohen Sjoel. We gaan hier op korte termijn een nieuw naambord voor laten maken.
 
Ik wens iedereen een hele fijne vakantie, veel gezondheid en Shabbat Shalom.
 
Omijn
 
Alex Waterman
10 juli 2021 /  1 Tammoez 5781

Kedosjiem 2020

De dubbele sidra Acharee Mot-Kedosjiem begint met het beschrijven van de wetten die betrekking hebben op het wegsturen van de zondebok op Yom Kippoer. Daarna volgen wetten over verboden sexuele relaties. Het begin van Kedosjiem beschrijft wat vereist is om heiligheid in het leven na te streven. Dit omvat ethische regels en het vermijden van Moloch, heksen en tovenaars.
 
De vraag die daarbij natuurlijk wel in je opkomt is: “Wat is heiligheid of heilig dan precies.”  Aan de basis van het antwoord aan deze vragen ligt het wezenskenmerk van heiligheid: heiligheid is een eigenschap van Hasjeem. En de opdracht aan ons is dat wij ons moeten gedragen zoals Hasjeem dat doet. Wij hebben tenslotte het vermogen gekregen om gelijk te zijn aan Hasjeem .
 
De boodschap en de opdracht van deze sidra Kedosjiem, is bestemd voor elke individuele Jood. De mitswa om “heiligheid na te streven” gold dus niet slechts voor Mosjé of voor de Kohaniem, maar voor heel het volk Israel, voor alle joden. Het is een compleet arsenaal van wetten en voorschriften. Het gaat om de offerdiensten, familierelaties, verplichtingen tegenover de armen, handel drijven enzovoorts. De heiligheid moet herkenbaar zijn in elk aspect van het dagelijkse leven. Een belangrijke zin die we in dit verband lezen is: Zweer niet bij Mijn naam voor iets dat een leugen is, waardoor je Mijn naam zult ontwijden. Dit werd de basis voor de zogenaamde Joden eed. De eed die Joden in de Middeleeuwen moesten afleggen als ze in het gerechtshof moesten getuigen omdat de gezaghebbers de Joden niet op hun woord wilden geloven vanwege het Kol Nidrei welke op ingaande Yom Kippoer gezegd wordt en waarop alle afgelegde eden ongedaan worden. De oorsprong van deze eed was in de Byzantijnse tijd bedacht door Keizer Justinianus in het jaar 531.
Diezelfde eed was ook in gebruik in het rijk van Karel de Grote (814-742) en bij gezaghebbers honderden jaren na hem.
 
Terug naar onze Sidra van vandaag. De regels en wetten die gegeven worden in onze sidra hebben dus betrekking op recht doen en onderscheid maken. U zult heilig zijn, staat er geschreven, zoals Ik heilig ben, zoals Ik u hebt onderscheiden van alle andere volkeren. Heilig zijn betekent dus ook afzonderen, onderscheid maken, eigen oordelen vormen, grenzen stellen, categorieën bepalen. In Kedosjiem leren we dat als wij deze blauwdruk niet volgen en de rechtvaardige samenleving die daarin is voorzien niet scheppen, wij onze rechten verliezen in het land zodat de maatschappij, de bomen en vruchten verloren zullen gaan.
 
Heiligheid en rechtvaardigheid zijn dus in wezen hetzelfde. Wij verdienen het eten van de vruchten van de bomen alleen door een rechtvaardige samenleving te scheppen en in stand te houden. En als onze samenleving geworteld is in rechtvaardigheid en heiligheid hebben we niet alleen de bomen en vruchten voor onszelf geplant, maar ook voor onze kinderen, kleinkinderen en achterkleinkinderen.
 
Tot slot wilde ik langs deze weg onze leden dank zeggen voor hun deelname aan onze zeer geslaagde Jom Ha’atsma’oet virtuele bijeenkomst van afgelopen woensdagavond. Het gezegde luidt niet voor niets “je gaat dingen pas missen op het moment dat je het niet meer hebt”
 
Omdat we niet meer met zijn allen bij elkaar kunnen komen is het echt heel belangrijk om op deze virtuele manier elkaar te blijven ontmoeten. Wij mensen zijn naast heilig (zoals we in Kedosjiem hebben kunnen lezen) ook sterk en veerkrachtig. En daarom kunnen wij het volhouden om niet meer te kunnen gaan en staan waar we willen. En hoe langer we dit volhouden hoe meer kans we hebben elkaar op termijn weer te kunnen zien spreken maar dan weer life en niet virtueel.
 
Ik wens iedereen een Sjabbat Sjalom en heel veel sterkte in deze lastige tijd.
 
Blijf gezond en let een beetje op elkaar.
 
Omein

Korach 2020

Morgen lezen we parashat Korach.
Maar wie is Korach eigenlijk, of beter gezegd wie was Korach eigenlijk?
Korach blijft voor altijd het prototype van de demagoog die de volksmassa behendig weet te manipuleren. Zijn argumenten zijn schijnbaar redelijk en rechtvaardig, maar blijken vals en rampzalig te zijn.
Korach lijkt op te komen voor een edele zaak. Hij is de dappere voorstander van een meer democratische samenleving. Hij richt zich tot Mosje en Aharon met de woorden: “U matigt u te veel aan. Alle leden van de gemeenschap zijn heilig en in hun midden is de Almachtige. Waarom verheft u zich dan boven de gemeente van de Almachtige?” Terwijl Mosje het hele volk de opdracht geeft “jullie moeten heilig zijn” zegt Korach dat alle leden van de gemeenschap al heilig zijn. Hij propageert de “volksdemocratie”. Hij maakt iedereen gelukkig. Hij voert een campagne tegen het nepotisme van Mosje die zijn broer Aharon als hogepriester aanstelt. Korach is tegen machtsconcentratie aan de top. “U matigt u te veel aan”.
 
Hij haalde zonder twijfel een goede pers. Als er toen al kranten geweest zouden zijn dan zouden die vast en zeker zeer lovend hebben bericht over Korach. Hij was namelijk ontzettend Charismatisch. En daar zat ook natuurlijk het grote gevaar. Het is namelijk oh zo gemakkelijk om het Charisma dat een persoon bezit aan te wenden om zichzelf te verrijken of om anderen nadeel te berokkenen. Er zijn in onze huidige tijd of recente geschiedenis namelijk zat mensen die, net als Korach in zijn tijd, een geweldige pers hadden en heel erg Charismatisch waren maar tegelijkertijd hele slechte bedoelingen hadden. Het grote gevaar dat dan op de loer ligt is dat de maatschappij er veel te laat achterkomt. Vaak is dan het leed al geleden en het grootste deel van het kwaad al geschiedt. Dat zijn dan weer de nadelen van een democratie. Een democratie geeft namelijk iedereen de ruimte om de eigen denkbeelden naar voren te brengen. De vraag is dan ook gerechtvaardig om te stellen of je dat als volk, als land, als natie wel wil. Het geeft namelijk ook ruimte aan je tegenstanders. Ik denk dat dat ook goed is. Geef je die ruimte immers niet dan geef je diezelfde tegenstanders de mogelijkheid om ondergronds te gaan en het nadeel daarvan is natuurlijk dat je ze niet meer ziet. Geen open vizier meer. Bij Korach was het zo dat hij zei te spreken namens de meerderheid. Ook dat zie je tegenwoordig dan ook veel gebeuren. Alleen als je dat gaat onderzoeken op feitelijkheden dan blijkt de meerderheid er toch anders over te denken. 
 
Korach kwam zelfs met voorbeelden. Een heel bekend voorbeeld van wat Korach noemde was het verhaal van de weduwe met haar 2 dochters. Volgens Korach moest dat verhaal juist aantonen hoe Aäron en Mosje de mensen onderdrukten.
 
“In mijn buurt”, zo vertelde Korach, “leefde er een weduwe met twee dochters. Ze bezat een veld waarvan de opbrengst precies voldoende was om van te kunnen leven. Maar telkens wanneer deze vrouw probeerde op haar veld te ploegen, te zaaien of te oogsten, kwamen Mosje en Aäron om haar te beletten haar activiteiten te verrichten omdat het verboden zou zijn volgens de wetten van de Tora, of ze kwamen om belastingen te innen”.
Korachs campagne combineerde een oproep tot democratisering, een wild opruien van de armen en volgens de Talmoed een lastercampagne, waarin Mosje ervan beschuldigd werd een immoreel leven te leiden.
Toen Korach geen argumenten meer wist te vinden, nam hij zijn toevlucht tot geweld. En aan het eind faalde hij. Wat uiteraard te voorspellen was.
 
Deze parasha leert ons dat je als maatschappij, als volk nooit onderuitgezakt kan gaan zitten omdat de democratie toch wel zijn werk doet. Je moet jouw tegenstanders een podium geven. Je mag een tegenstander nooit verbieden om zijn mond open te doen. Wij hebben hier de vrijheid van meningsuiting hoog in het vaandel staan. Dat betekent dus ook dat meningen van andersdenkenden de ruimte moeten krijgen. Te vaak zie je dat men probeert om mensen met andere meningen monddood te maken. Zelfs op onze universiteiten. Dan mogen ze niet meer op televisie of dan mogen ze niet worden uitgenodigd voor een lezing. Alsof die andere mening dan verdwijnt……….Nee dat doet het niet. Als je geen argumenten meer wil uitwisselen dan gaan de partijen hun toevlucht zoeken in geweld. Ook dat heeft Parasha Korach ons geleerd.
 
Laten we daar maar eens over gaan nadenken.
 
Tegen iedereen wil ik zeggen: Blijf gezond en let een beetje op elkaar.
 
Ik wens iedereen Sjabat Sjalom.

Overlijden Bernhard Cohen

Een bijzondere man is niet meer. Op 82 jarige leeftijd is onze ere-voorzitter van Masorti Conservative Kehilla Almere/Weesp, Bernhard Cohen, Shmuel ben Benjamin Ha Cohen van ons weggegaan op weg naar zijn lieve Beppie die hij de afgelopen jaren sinds haar heengaan zo vreselijk heeft gemist. Ik zeg opzettelijk een bijzondere man want dat was ie. Ontwapenend bijzonder. Kwaad kon ik nooit op hem worden. Ein Mensch, Een Jehoeda onder de Jehoediem. Ofwel een jood onder de joden die zo verlangd heeft naar de Amsterdamse gezelligheid. In de Zestiger en Zeventiger jaren is de Bernhard actief lid geweest van diverse Joodse verenigingen in Amsterdam. Bijv. Beth Ami in Amsterdam waar hij zijn Beppie en mijn 2 broers heeft leren kennen…….Altijd trachtend steeds meer mensen er bij te betrekken. Ook in Den Bosch waar hij een aantal jaren heeft gewoond, en  tijdens zijn jaren in Israël, is hij steeds bezig geweest om die Amsterdamse gezelligheid in de beleving van het Jodendom sterk naar voren te brengen. Bernhard was sinds jaren de drijvende kracht achter het opzetten en het organiseren van de joodse gemeenschap in Almere. In de Negentiger jaren heeft hij samen Maurice Krant zaliger het NIG Almere opgericht. Daarna heeft hij als initiatiefnemer op 1 december 2000 de stichting Joodse Gemeenschap Flevoland opgericht. En daarop volgend de Masorti Conservative Kehilla Almere/Weesp. Hier is hij benoemd tot ere-voorzitter.
 
Ik kende Bernhard al vele jaren. Soms dacht ie zelfs dat ik bij het gezin hoorde als hij Sandra, Nicky en mij een zoveelste mail stuurde waarin hij ons zei (hij vroeg het niet) wat wij moesten doen in een bepaalde situatie en dan eindigde hij met “jullie pappie”.Maar ik heb Bernhard vooral leren kennen als iemand die maar zeer moeilijk nee kon accepteren. Altijd op zoek naar dat ene kleine mogelijkheidje om ja te krijgen. Soms kan je het hebben en soms kan je het niet hebben maar Bernhard was niet iemand waarop je makkelijk kwaad kon worden. Daarom noemde ik hem ook ontwapenend bijzonder.  En soms kon hij heel goed relativeren……zoals die keer dat ik vlak voor pesach met een flinke woordenwisseling wegliep uit Sjoel en hij mij alleen maar achterna riep : “vergeet je doos Matzes niet”……dan vloeit die boosheid snel weg……..
 
Mensen worden geboren en gaan ook uiteindelijk dood. Zo kennen wij een uitspraak die zegt: „Men wordt geboren om te sterven”. In de joodse visie, gebaseerd op Thora en traditie, is de dood niets anders dan een overgang van de ene naar de andere wereld. Wij zijn slechts tijdelijk op deze wereld gezet. ‘Wij zijn alleen op doorreis. In dit verband bestaat er een anekdote over een groot man die leefde in Litauwen in het stadje Radin. Deze man is overleden in 1933 op vijf en negentigjarige leeftijd en stond alom bekend als een grote Tsadiek – een rechtvaardig mens – Zijn naam was Jisroël Meier Kagan Hacohen. Deze grote man kreeg een keer bezoek van een Amerikaanse jood die speciaal uit Amerika overgekomen was om hem te ontmoeten en te leren kennen. Hij had tenslotte zoveel horen vertellen over deze grote Tsadiek dat hij hem persoonlijk moest ontmoeten. Na afloop van het gesprek zei hij: Mag ik U een persoonlijke vraag stellen? Toen vroeg hij: „Ik zie hier in uw huis praktisch geen meubelen. Behalve een paar armoedige stoelen en een kleine tafel en wat spijkers aan de muren om de kleren aan op te hangen, zie ik hier geen meubilair.” Toen vroeg deze Tsadiek: „En waar zijn uw meubelen?” De Amerikaan antwoordde, maar heel erg verwonderd natuurlijk over deze vraag: „Maar ik ben hier toch maar gewoon op doorreis en dan laat je je meubelen toch gewoon thuis. Die neemt toch niemand met zich mee op reis.” „Ik ook,” zei de Rabbi, „ik ben hier op deze wereld ook slechts op doorreis.”
 
Shmuel ben Benjamin Ha Cohen is niet meer hier. Althans niet meer in stoffelijke vorm. Van binnen in ons hart blijft hij altijd. Afscheid nemen doen we elke dag, diverse malen, maar dan met de wetenschap dat het afscheid tijdelijk is. Veelal zien wij elkaar dezelfde dag nog terug. Een afscheid zoals vandaag valt ons zwaar en stemt ons tot verdriet. Verdriet om het onbekende. Maar binnen onze Joodse traditie is ook dit afscheid een tijdelijk afscheid. We zien elkaar altijd terug. Net zoals jij, Bernhard, nu ook jouw Beppie en alle andere familieleden die zo wreed van jou vandaan werden gerukt in de tweede wereldoorlog, weer terugziet. Dat sterkt ons altijd weer
 
Want naast de sterkte, de veerkracht en de traditie leert ook ons geloof ons om te gaan met het wegvallen van onze dierbaren. Ons geloof sterkt ons in de gedachte dat het slechts een overgang is naar een andere wereld. De opdracht in deze wereld is vervuld en de nesjamma kan terug naar G’d. Het werk is gedaan. Een nieuwe opdracht zal worden aanvaard. Van binnen verandert er niets en vergeten doen we nooit en te nimmer. Ein Mensch …….. dat was ie en dat blijft ie in onze herinnering.
 
Sandra, Nicky, Lidio, Liesan, Noa, Sem en Zwi…… Namens het bestuur en alle aangeslotenen van de stichting Joodse Gemeenschap Flevoland, Masorti Conservative Kehilla Almere/Weesp en ook namens het bestuur van Masorti Nederland en Masorti Europa wens ik jullie enorm veel kracht en sterkte bij de verwerking van dit verlies. Blijf gezond. Omijn.
 
“Tehi nisjmato tseroera bitsror hachajiem” – Moge zijn ziel gebonden worden in de bundel van het eeuwige leven.

Tarzia Metsora 2020

Morgen lezen we een dubbele sidra. We lezen in Tazria het verhaal waarin de conceptie, geboorte, reinheid en onreinheid een grote plaats innemen. Ook wordt verteld dat bij de geboorte het leven en de dood dicht bij elkaar liggen. Sommige van de vrouwen hier aanwezig hoef ik dat natuurlijk niet uit te leggen. Gedurende de weeën lijden de meeste vrouwen zoveel, dat zij het gevoel hebben niet ver van de dood te staan. Daarom moeten zij na de bevalling ook gomeel bensjen. Daarin danken zij Hasjeem op dezelfde manier waarop men Hasjeem dankt na een ernstige ziekte en confrontatie met de dood. Ook wordt uitgelegd wanneer de vrouw haar reine dagen heeft en wanneer zij onreine dagen heeft.
In Metsora wordt er een verband gebracht tussen melaatsheid, als straf van G’d en Lashon Ha-ra, kwaadsprekerij. De term Lashon Ha-ra omvat zowel laster als roddel en verklikking en alle andere vormen van schade die door woorden kunnen worden veroorzaakt aan het individu en de gemeenschap.
 
Mirjam die over Mosjé roddelt, wordt prompt door melaatsheid bezocht. Dit is één van de vele plaatsen geciteerd door de rabbijnen om het directe verband aan te duiden tussen enerzijds de persoon die roddelt en zijn verhalen vertelt in de veronderstelling dat niemand de bron van deze roddel zal ontdekken en anderzijds zijn rechtvaardig verdiende straf, namelijk melaatsheid. Een ziekte die niemand kan verbergen. De joodse traditie ziet in roddel en laster een dodelijk wapen en spaart geen woorden om ze te veroordelen. De Talmoed stelt het spreken van lashon ha-ra gelijk met bijv. moord. Namelijk karaktermoord.
Er zijn in dit geval geen winnaars maar alleen verliezers.
 
In deze tijd waarin het hoofdthema Corona is, en waarin er eigenlijk een nieuw soort leven staat en maatschappij normaal begint te worden beseffen we ons eens te meer dat reinheid (zoals ook in Tazria geschreven staat) kan voorkomen dat anderen besmet worden. Hoe meer wij ons houden aan de voorschriften die door onze overheid worden uitgevaardigd hoe meer wij onze zorg ontlasten. En het wordt steeds moeilijker dat beseffen wij ons met zijn allen. Het is mooi weer buiten. Iedereen heeft lentekriebels en toch kunnen we niet doen wat we graag zouden willen doen. Onze kinderen en kleinkinderen knuffelen….onze vaders en moeders, opa’s en oma’s knuffelen.
 
Voor onze kehilla betekent het ook dat diverse evenementen geen doorgang konden en kunnen vinden. De seider hebben we alleen in familiekring en niet samen met de hele kehilla kunnen vieren, ons poerimfeest kon niet doorgaan. Sjoeldiensten die geen doorgang meer kunnen vinden voorlopig. En met dat laatste mis je ook het contact met de andere leden van de kehilla. Na afloop van de Sjoeldienst, tijdens de kiddoesj werd er veelal gezellig gekletst, kopje koffie gedronken, wat genasjt……… dat is namelijk ook de functie van een gemeenschap. En dat mis ik wel. Ik neem aan dat jullie dat allemaal wel missen.
 
Volgende week woensdag is het Yom Ha’atsma’oet. Onafhankelijkheids dag van de staat Israel. Op 5 Ijar 5708 werd door David Ben Gurion in Tel Aviv de onafhankelijkheids verklaring van Israel voorgelezen, waarmee de staat Israel werd opgericht. 72 jaar geleden. Temidden van de herdenkingsdagen Yom Ha’Shoa en Yom Hazikaron valt deze feestdag. Het grijpt allemaal op elkaar in. Yom Hashoa herrinnert ons wat het ons joden heeft gekost om te moeten leven zonder de bescherming van de staat Israel en Yom Hazikaron herrinnert ons wat het ons heeft gekost om de staat Israel te moeten beschermen. En beide herdenkingsdagen hebben 1 heel groot thema: “Dat nooit meer”
 
En volgende week woensdag tijden Yom Ha’atsma’oet gaan wij als kehilla gewoon gezellig bij elkaar komen…….niet fysiek……maar virtueel.
De moderne techniek stelt ons ook nu in staat om een kop koffie samen te drinken. U ontvangt binnenkort een link via de mail en we zullen de link ook in deze facebookkehilla plaatsen. Als u die link aanklikt op uw tablet of laptop of pc dan komt u in een virtuele omgeving waarin we gezellig een uurtje met elkaar kunnen kletsen. Gewoon elkaar weer even zien en horen. Wij vinden dat heel erg belangrijk en ik hoop dat u dat ook belangrijk vindt. En vooral dat u het leuk vindt om mee te doen.
 
Tot slot wilde ik graag namens het bestuur Koning Willem Alexander van harte feliciteren a.s. maandag met zijn 53ste verjaardag. Nog veel jaren in gezondheid voor u en uw familie.
 
Ik wens jullie allemaal Sjabbath Sjalom en het bestuur hoopt jullie allemaal 29 april te begroeten in onze virtuele samenkomst.
 
Blijf gezond……..en pas een beetje op elkaar
 
Omein

Wajechi 2020

Toen ik begon met het schrijven van deze derasja dacht ik: nou er gebeurt zoveel op dit moment, de woorden rollen volgens mij achter elkaar zo het papier op. Maar heel gek, niets was minder waar, 2 uur later zat ik nog steeds naar een stuk blanco papier te kijken. Want waar moet je in hemelsnaam nou beginnen. De hele wereld discussieert over de situatie in het midden Oosten. Joden komen in de diaspora hoe langer hoe meer onder vuur te liggen. Aanslagen op Joden in New York, het Duitse Halle, Berlijn, Parijs, Californie, Pittsburgh, Brussel. En dan heb ik het alleen over de afgelopen 2 jaar.  Leiders van landen zoals bijv. Iran die blijkbaar ongestraft mogen zeggen dat ze Israel van de kaart willen vegen, Jeremy Corbin die gewoon met Hamas leiders op de foto kan staan en openlijk allerlei Antisemitische uitlatingen kan doen en daarna nog ontvangen wordt door Lodewijk Asscher. Het is nu zelfs zover dat Joden niet met een keppeltje op over straat kunnen maar een baseballcap moeten dragen om niet beschimpt te worden door onze medelanders. Het is echt pijnlijk als Nederlandse parlementariërs die, gespeend van enig historisch besef gewoon maar mogen roepen dat Israel een racistische staat is en dat ze aan landjepik doen. Zeer hoopgevend vond ik daarentegen het interview dat Gert Jan Segers en Joel Voordewind van de Christen Unie gaven in het NRC. Als reactie op de uitlatingen van Sjoerd Sjoerdsma van D66 en Sadet Karabulut van de SP die stelden dat het logisch was dat de Palestijnse leiding aan de Christen Unie de toegang weigerden omdat zij te kritisch waren t.o.v. de Palestijnen. Overigens wilde ik dat zij hetzelfde zouden zeggen toen Lydia de Leeuw van de BDS de toiegang tot Israel werd geweigerd maar dat terzijde……. Segers en Voordewind schreven: “Marokko bezet de Westelijke Sahara en China bezet Tibet en de wereld zwijgt in alle talen. Maar wie over die bezettingen zwijgt en wel klaagt over Israël, en ons onze vriendschap met dit land kwalijk neemt, die heeft andere motieven dan het opkomen voor mensenrechten van de Palestijnen.”. Welke andere motieven zij bedoelen hoef ik u niet te duiden.
 
Wat wrang dan dat met al dat dood en verderf van de aanslagen die ik in het begin noemde de Parasja van deze week, Wajechi, het laatste deel van Bereisjiet, “en hij leefde” betekent.
 
Gedurende de zeventien jaren dat Jaäkov in Egypte leefde, moet hij genoten hebben van de comfortabele levensomstandigheden in dat deel van Egypte dat hem door Farao werd gegeven. Hij moet ook genoten hebben van de aanwezigheid van zijn kinderen en kleinkinderen die dicht bij hem woonden. Ook genoot hij zeker van zijn sociale status. Hij kon zich terecht beroemen op de verwezenlijkingen van ,,mijn zoon de topambtenaar van het land”. Niettemin was hij met dit alles slechts Jaäkov. Hij was even niet meer Israel: niet meer de grote held, voorbeeld en aanvoeder. Even niet meer de debater met G’d en met de mensen. Het naderende einde van zijn leven brengt hem echter uit zijn genoeglijke zelfvoldaanheid. ,En het ogenblik dat hij zou sterven, naderde”. Wanneer vervolgens Jaäkov terugdenkt aan zijn eigen leven en zijn eigen land, wordt hij plotseling opnieuw Israel.
Na zeventien jaar als Jaäkov is hij weer Israel wanneer hij zijn zoon Joseef smeekt: ,lk bid je, begraaf mij niet in Egypte!”
Hij laat Joseef zweren dat hij hem zal begraven in de spelonk Machpela, de begraafplaats van Adam en Chava, Awraham en Sara, Jitschak en Rivka.
Jaäkov verlaat deze wereld op de leeftijd van 147 jaar. Een enorme begrafenisstoet begeleidt zijn baar van Egypte naar zijn laatste rustplaats in Chevron, zoals Joseef zijn vader heeft beloofd. Na zijn dood zijn de broers bezorgd dat Joseef nu op hen wraak zal nemen. Maar Joseef stelt hen gerust, en belooft zelfs hun en hun families te zullen blijven ondersteunen. Joseef leeft de rest van zijn jaren in Egypte. Vóór zijn dood voorspelt Joseef zijn broers (hij had blijkbaar nog een laatste droom) dat G’d hen uit Egypte zal verlossen. Hij laat hen zweren dat zij zijn lichaam dan uit Egypte zullen meenemen. Joseef overlijdt op de leeftijd van 110 jaar en met het balsemen van Joseef eindigt Sefer Bereisjiet, het eerste van de Vijf Boeken van de Tora.
 
Het eind maar tegelijkertijd het begin. Want volgende week starten we met Sjemot, Het vertelt het verhaal van het vertrek van het Joodse volk uit Egypte naar het Beloofde Land Israel. En nu, duizenden jaren later zijn we daar nog steeds over aan het vechten. En nu, duizenden jaren later, zijn er nog steeds mensen in de wereld die twijfelen of Israel wel het land van de Joden is. En nu, duizenden jaren later zijn het nog steeds groepen die met droge ogen beweren dat er voor 1948 geen Joden woonden in Israel. En die vinden dat de staat Israel moet verdwijnen. En aan het begin van dit nieuwe jaar in de westerse jaartelling kan ik alleen maar weer hopen en bidden dat ook die mensen uiteindelijk het licht zullen zien. En op deze dwaling zullen terugkomen. IJdele hoop? Wellicht….maar zegt het spreekwoord niet: “zonder hoop vaart niemand wel”?
Daar hou ik me dan maar aan vast.
 
Ik wens iedereen Sjabbat Sjalom.
 
Sjabbat Sjalom
Alex Waterman
14 Tewet 5780 / 11 januari 2020

Beha’alotecha 2020

Morgen lezen we beha’alotecha en deze parasha opent met het aansteken van de Menora in de Misjkan. Elke dag, tegen de avond, moest de Menora aangestoken worden door een priester – overigens niet per sé een Hogepriester –, waarna deze moest blijven doorbranden tot de volgende ochtend. En om even een voorstelling te maken:  De Menora stond aan de zuidkant van de Misjkan, tegenover de Tafel met de 12 toonbroden erop, die aan de noordkant stond. Rechts van de Menora stond het kleine, gouden Altaar waarop elke dag wierook werd gebrand. Links van de Menora begon de Aron Hakodesj. Alles wat in het Heiligdom gebeurt wordt in de Joodse traditie met een sfeer van heiligheid en bovennatuurlijke elementen omgeven. Zo liet Hasjeem, voorafgaand aan de bouw van het Heiligdom, Mosjé een beeld zien van de Menora: ‘Naar het (voor)beeld dat aan Mosjé getoond had, zo had hij de Menora gemaakt.
 
Waar had Hasjeem dat dan aan Mosjé laten zien? In Sjemot staat te lezen: ‘Kijk en maak naar de vormen die je getoond zijn op de berg.’ Maar, niet alleen het bouwplan van de Menora werd aan Mosjé op de berg getoond. Een hemels bouwplan van het hele Heiligdom en zijn voorwerpen werd aan Mosjé op de berg Sinaï getoond: ‘Ze zullen Mij een Heiligdom maken, en Ik zal in hun midden wonen. Naar alles wat Ik je zal tonen – de vorm van de Misjkan en de vorm van al haar voorwerpen  – zo zullen jullie het maken.
 
Een ander onderdeel in deze parasha is de lofspraak die Moshé krijgt. Moshé, een groot en bescheiden man. Zoals zoveel mensen in onze geschiedenis juist groot en bescheiden waren.  Is het niet zo dat, kijkend in de geschiedenis van de mens, de meest nederige mensen juist het grootst zijn geweest?
 
Ieder persoon heeft een unieke rol in de ontwikkeling van de wereld. Ongeacht wie hij is, ongeacht wat hij doet, elk persoon heeft een unieke taak waarmee hij helpt de wereld tot perfectie te brengen. Natuurlijk, verschilt dit van persoon tot persoon. De één voelt de plicht in het worden van een opmerkelijke Thora geleerde, een ander voelt de plicht om arts te worden en een derde voelt de plicht om als vrijwilliger dagelijks in een buurthuis kansarme kinderen te ondersteunen. Je zou je kunnen afvragen wiens bijdrage nu groter is ……. Niemand zal dit ooit weten. Iedereen heeft zijn eigen gevecht te leveren tussen het goede en het kwade. Ik weet niet waar jouw strijd ligt en hoe goed of slecht je deze strijd aan het voeren bent.
 
Wat een persoon heeft, doet er veel minder toe. Het gaat er meer om wat een persoon is.
De boodschap van de Mishna is om te voorkomen dat mensen zich met elkaar vergelijken. Als je mensen vergelijkt met elkaar, zal je je primair richten op de vraag wie meer geld heeft of wie meer kennis bezit. Maar als je je zich continu realiseert dat elk persoon uniek is in het uitvoeren van zijn eigen rol in deze wereld en dat niemand in competitie is met iemand anders, dan hoef je niet meer te vergelijken. Er hoeft geen scheiding te zijn door rijkdom of kennis, want iedereen is in staat om gelukkig te zijn met zijn eigen bestemming. De sleutel tot nederigheid is dan ook bescheidenheid.
De bescheiden persoon vergelijkt zichzelf niet met andere mensen. Want niemand kan weten hoe en op welke gebied andere personen hun taak vervullen.
 
De nederige en bescheiden persoon meet zichzelf slechts aan 1 persoon. Aan zichzelf.
Ieder mens heeft dus de plicht om het leven voor 100% te leven. Om te leren wat je kan leren, om te bereiken wat je kan bereiken. Als je aan het einde van de rit, na 120 jaar, terugdenkt aan alle voorbije jaren en je hebt inderdaad geleerd wat je kon leren en je hebt bereikt wat je kon bereiken, slechts dan is er tevredenheid. Dan is er geen Jaloezie meer nodig over wat een buurman heeft maar dan is er voornamelijk trots op wat je zelf hebt bereikt.
 
Tot slot wilde ik graag van de gelegenheid gebruik maken om Sandra Blankstein van harte feliciteren met haar verjaardag. Sandra, van harte mazzeltov met jouw verjaardag en ik denk dat ik namens iedereen spreek als ik de wens uitspreek dat je nog heel lang in alle gezondheid binnen onze Kehilla maar ook binnen Masorti Nederland en Masorti  die vooraanstaande rol kan blijven spelen zoals je dat tot nu toe altijd hebt gedaan. Omijn.
 
Ik hoop u allemaal a.s. woensdag avond om 19.30 te zien tijdens onze zoom ontmoeting met de Kehilla. Gewoon weer eens even om te kijken hoe het met iedereen gaat.
 
En voor iedereen geldt: Blijf gezond en let een beetje op elkaar.
 
Sjabath Sjalom.
 
Alex Waterman

Overlijden Mieke Steendam

Een vriendin heeft deze wereld op 69 jarige leeftijd verlaten. Mieke Steendam, Mirjam bat Rachel. De dood lijkt zo verschrikkelijk oneerlijk. Je hebt ook alle recht om boos te zijn. Boos op het, in onze ogen, zo oneerlijke van de dood. Iedereen weet dat de dood bij het leven hoort, maar als iemand wordt weggenomen waar je veel van houdt, dan pas realiseren wij ons hoe wreed de dood eigenlijk is. Je wilt het niet geloven, je hoopt tegen beter weten in dat het een boze droom is. Tegelijkertijd weet je dat je de dood moet accepteren en respecteren. Hoe moeilijk het ook is.
Met name voor Klaas de kinderen en overige familie is het een pijnlijk gemis. Wij wensen hen veel sterkte om dit verlies te dragen. Trots en met een goed gevoel terugkijken op wat geweest is en met maar 1 opdracht: verdergaan.
 
Het verlaten van deze wereld betekent eigenlijk dat je een andere wereld binnengaat. Tenminste als je kijkt van uit de visie van de mens. Als je het beziet vanuit de visie van G’d dan is er sprake van 1 grote wereld. Alleen voor ons mensen is er sprake van een grens tussen beide werelden. Wij kunnen absoluut ook niet weten hoe die andere wereld eruit ziet. Het is de vraag waar iedereen al eeuwen het antwoord op probeert te vinden. Maar het kan niet. Net zomin als je iemand die doof wordt geboren kan uitleggen wat mooie muziek is. Of, iemand die blind is geboren kunt uitleggen hoe mooi de kleuren er uit zien. We weten zeker dat het er is alleen we kunnen niet zeggen hoe het er dan uit ziet. Wat we wel weten is dat het er eeuwig vrede is. En zo heeft Mieke nu ook haar Sholom. En laat ons in ieder geval troost putten dat zij in die voor ons onbekende wereld al haar beminden weer terug zal zien die voor haar deze wereld hebben betreden. Wees gesterkt door ons rotsvaste vertrouwen in deze hereniging.
 
In 2006 hebben Klaas en Mieke zich aangesloten bij onze conservative Masorti kehilla Almere/Weesp. Zij vonden binnen onze kehilla de Joodse warmte waarnaar ze zo op zoek zijn geweest. En binnen onze kehilla, in onze mooie sjoel in Weesp zijn zij onder onze Choepah getrouwd. Warmte die het gezin ook altijd heeft kunnen geven aan kinderen die opvang nodig hadden. Hun deur stond daar altijd voor open en daar kunnen wij alleen maar heel veel respect voor geven. 
 
Mirjam bat Rachel. Ze heeft nu de eeuwige rust gevonden. Het verdriet dat een ieder om dit heengaan ondervinden, zal na verloop van tijd veranderen in een gevoel van dankbaarheid. Dankbaarheid om alle liefde en zorg die Mieke tijdens haar leven aan al haar beminden heeft gegeven en dankbaar omdat wij jou hebben mogen leren kennen.
 
Rabbi Moshe ben Maimon ook bekend als Maimonides heeft ooit in zijn Misjnee Torah 13 korte geloofsartikelen geschreven. Dit zijn de 13 vaste ankerpunten binnen ons Jodendom. En de laatste van deze 13 rotsvaste ankerpunten in ons bestaan luidt : “Ooit zullen de doden opstaan” En dat nu juist geeft ons houvast voor de toekomst.
 
“Tehi nisjmata tseroera bitsror hachajiem” – Moge haar ziel gebonden worden in de bundel van het eeuwige leven. Ameen.
 
Alex Waterman
9 februari 2020 / 14 Sjewat 5780

Toledot 2020

Toledot betekent ‘verwekking’ of ‘het voortgebrachte’ en de parasha van deze week gaat iets dieper in op de geboorte van Ja’akov en Esav. Deze 2 broers vochten elkaar in de baarmoeder als het ware al de tent uit over wie nu als eerste geboren moet gaan worden. Dat was natuurlijk in die tijd wel belangrijk. Er werd gezegd: “De oudere zal de bediende van de jongere zijn”. De oudste zoon was in de oude cultuur van Jisraeel verantwoordelijk voor het voortduren van het geestelijke erfgoed. Dit erfgoed bestond uit het bewaken van de beloften die door Hasjeem gemaakt waren. Het dragen van deze verantwoordelijkheid was niet de meest makkelijke verantwoordelijkheid, en het vroeg daarom een zuiver karakter (van de oudste zoon).
 
Ja’akov en Esau een tweeling die wel erg veel verschilden. Esau de Jager en rebelse en ook de slechte van de twee terwijl Ja’akov veel rustiger en introverter was en zich veel meer conformeerde aan de regels en tradities en dus de goede van de twee. Je zou ook kunnen zeggen dat deze tweeling beide iets apart vertegenwoordigde wat in een mens zit opgesloten. We hebben allemaal het goede (Ja’akov) in ons maar ook het slechte (Esav) in ons. Het is aan ons zelf om te bepalen en te sturen welke van de twee de overhand krijgt. En daarnaast lag het in Esavs karakter opgesloten om aan de buitenkant de hele andere kant te tonen. Als het ware een wolf in schaapskleren. Dusdanige schaapskleren dat zijn vader Jischak hem zou willen zegenen. Terwijl zijn moeder Rivka veel meer de echte Esav te zien kreeg en dus graag zou willen dat Jitschak juist Ja’akov zou moeten zegenen. En dat was wel belangrijk want degene die gezegend zou worden zou mede stamvader worden van het Joodse volk. Uiteindelijk heeft Rivka het voor elkaar gekregen dat Jitschak toch Ja’akov heeft gezegend en niet Esav. Daardoor is Ja‘akov dus de derde stamvader geworden. En dat merk je natuurlijk ook omdat de eerste zin van onze zegening (Misjeberach) niet is: Mi sjeberach awoteinoe Awraham, Jitschak weEsav maar weJa’akov.
 
Maar eigenlijk gaat Toledot ook over generaties en tradities en dat loopt natuurlijk wel erg parallel aan waar Masorti voor staat. Masorti staat namelijk ook voor traditie. Het overdragen van de tradities aan de volgende generatie is zo ongelooflijk belangrijk. Het is 1 van de pijlers waarop het Jodendom is gebouwd. Naast uiteraard het overdragen van kennis aan onze volgende generatie.
 
En naast het overdragen van tradities en kennis aan onze volgende generatie hebben we ook een kloof te overbruggen met de generaties na ons. De zgn. generatiekloof. Dat die bestaat en aanwezig is merken we met name in deze corona tijd. Een tijd waarin we met allerlei beperkingen te maken hebben en waarin we steeds meer op ons zelf zijn aangewezen. Die generatiekloof is trouwens van alle tijden. Onze ouders spraken in de eind zestiger en begin zeventiger jaren ook niet erg lovend over de vrijheden die wij in onze pubertijd aan het verwerven waren. We sliepen op de dam in Amsterdam, we hadden de nozems en de provo’s, de maagdenhuis bezetting, de jongens lieten hun haren groeien en ongemeen felle krakersrellen in Amsterdam
 
En ook nu zie je de jongere generatie zich afzetten tegen de oudere generatie. Of het nu gaat om het dragen van mondkapjes, het geven van illegale feesten, het niet willen luisteren naar de overheid, het afzetten tegen de politie. De onderwerpen verschillen maar het resultaat is hetzelfde.
 
We moeten er voor waken dat we niet teveel van elkaar vervreemden. Wij, als oudere generaties moeten beseffen dat de generaties na ons verder moeten kunnen bouwen op hun manier. En zij, als jongere generaties, moeten beseffen dat wij degene zijn die de grondslag hebben gelegd voor de welvaart waarvan zij ook profiteren en op kunnen verder bouwen. Corona is slechts een obstakel die ons even een pas op de plaats laat maken. In het licht van de eeuwigheid slechts een heel klein pasje. We hebben ook na deze Corona crisis, nog vele passen te gaan. Met zijn allen …… zij aan zij.
 
Ik wens iedereen Sjabbat Sjalom.
 
Blijf gezond.
 
Alex Waterman
21 november 2020

Yom Kippur 2020

We leven echt in een heel vreemde tijd. Niet alleen worden er heel veel mensen ziek en sterven ook aan een virus die we tot op heden niet onder controle hebben maar ook omdat we daardoor genoodzaakt zijn om onze sjoeldiensten helaas hebben moeten afzeggen. Gelooft u mij, het bestuur heeft dat met zwaar gemoed moeten doen. Maar wij willen absoluut niet het risico nemen dat er iemand van onze kehilla ziek gaat worden. Het niet doorgaan heeft ook betekent dat er veel mensen veel voorbereidingswerk hebben verricht. Daan en Bert, onze Chazzaniem……Rabijn Josh Weiner, die naar ons toe had zullen komen vanuit Berlijn om de Yom Kippurdienst te leiden…. Sandra Blankstein onze Penningmeester en iemand die enorm veel tijd heeft gestoken in de voorbereiding van Rosj Hasjana en Yom Kippur. Als je mensen noemt loop je altijd het risico dat je mensen vergeet. Bij voorbaat dus mijn excuses aan de mensen die ik vergeten ben.
 
Tijdens Rosj Hasjana spreekt Hasjeem recht en velt Hij een oordeel over de mensheid. Drie boeken worden voor Hem opengeslagen: het boek van de verstokte zondaars, het boek van de ware gelovigen en het boek van hen die noch uitgesproken goed, noch uitgesproken slecht zijn.
 
Degene die volmaakt gelovig wordt bevonden, wordt meteen geregistreerd en verzegeld in het Boek des Levens. Degene die een verstokte zondaar wordt bevonden, wordt meteen geregistreerd en verzegeld in het Boek des Doods. Het oordeel over de overigen wordt opgeschort tot Yom Kippur. Wanneer zij in de tussentijd boete hebben gedaan, worden ze ingeschreven en verzegeld in het Boek des Levens, zo niet – dan worden zij geregistreerd en verzegeld in het Boek des Doods.
 
Vanavond start Yom Kippur met Kol Nidrei ….. “alle geloften”.
En Kol Nidrei zijn de beginwoorden van het gebed dat op de avond van Yom Kippoer, negen dagen na Rosj Hasjana, op de tiende tisjri driemaal wordt opgezegd. In dit gebed verklaart men dat alle onbezonnen beloften die men het komende jaar tot de nieuwe Jom Kippoer tegen zichzelf zal afleggen geen waarde zullen hebben. Men komt in het reine met elkaar en vooral in het reine met Hasjeem. Met name op deze dagen gaat men herdenken. HERdenken. Dus opnieuw denken over wat er is gebeurd de afgelopen tijd.
 
Herdenken, leren, verwerken, alles wat wij doen, doen wij omdat wij ons bewust zijn dat er een toekomst is. Wij herdenken het verleden in het heden juist vanwege die toekomst. De jeugd heeft de toekomst, dat is waar. En in deze tijd ziet met name de jeugd die toekomst geblokkeerd. Ik kan me voorstellen dat zij het zwaar hebben omdat ze bijna geen uitlaatklep hebben, omdat de schooltijd (wat een onbezorgde tijd zou moeten zijn er nu een vol met zorgen is, omdat ze niet begrijpen waarom ze het ene wel en het andere niet mogen doen. Volkomen begrijpelijk. Maar toch moeten wij met z’n allen, zij aan zij, denkend aan en met elkaar, in solidariteit met elkaar, oud en jong er voor zorgen dat we ook deze tijd doorkomen.
 
Yom Kippur, de dag van vergiffenis is één van de meest heilige dagen, zo niet de heiligste dag van ons Joodse kalenderjaar. De dag van verzoening en de dag van vrede.
 
Wij leven hier in een land waar er vrede is. En dan komt bij mij de vraag boven. Kun je nog wel dromen van vrede als je in vrede leeft? Of is dromen van vrede alleen maar mogelijk als je in oorlog leeft? Als je op die vraag (is dromen van vrede alleen mogelijk als het oorlog is) ja zegt, dan is er iets vreemds aan de hand. Want dan zeg je eigenlijk ook dat het woord “vrede” alleen maar bestaat als er oorlog is.
 
Het gekke doet zich voor dat in het woordenboek bij vrede staat: “tegenstelling van oorlog”. Maar bij oorlog staat niet “tegenstelling van vrede”.
Vrede is “geen oorlog”, maar oorlog is niet hetzelfde als geen vrede. Vreemd! Of zou het juist bewust zo opgeschreven zijn in de dikke boeken, om ons allemaal steeds opnieuw een opdracht mee te geven. Volgens mij is die opdracht dan de volgende: als je in vrede leeft en woont dan moet je er altijd voor blijven vechten om de vrede te behouden. Dat is een ander gevecht dan het gevecht in de oorlog. Het is het gevecht in en met jezelf, om keer op keer de ander (buurman, buurvrouw, vriend, vriendin,broer, zus, ouders……) te zien staan en te respecteren.. Keer op keer de ander de ruimte te geven om ook te spelen, te wonen, te werken in of op de plek waar wij ook spelen, wonen en werken.
 
Blijf dromen over vrede, juist in tijden waarin we in vrede leven en deel die droom met anderen. Houdt die droom levend, want alleen op die manier bewaken en bewaren we de vrede voor ons zelf, voor onze vrienden, families, voor onze kinderen en voor onze kleinkinderen.
Daar zijn deze dagen van inkeer en bezinning ook voor bedoeld.
 
Morgenavond klinkt nog eenmaal het lang aangehouden Tekia uit de Sjofar. Dat is om alles af te sluiten en het nieuwe te beginnen. Dan eindigen de 10 dagen van inkeer die met Rosj Hasjana zijn begonnen.
 
Leg verantwoording af aan jezelf en verander jezelf. Start daarmee want alleen dan maakt de wereld ook kans om te veranderen. Begin bij jezelf.
Want als wij de wereld willen veranderen dan zullen wij eerst en vooral onszelf moeten veranderen. Eigenlijk zou je kunnen zeggen dat het recht om je met anderen te bemoeien verdiend wordt door de wijze waarop je je eigen leven ‘op orde’ hebt.
 Daarover gaat, volgens mij, Yom Kippoer. Je vraagt aan G’d toestemming en acceptatie om het nog een jaar te proberen. Om de reden waarom je bestaat te ontdekken en er aan te werken dat je de terechte verwachtingen zult kunnen vervullen. Nee, G’d, ik wil niet de wereld verbeteren, alleen mijzelf en dat is al moeilijk genoeg weet iedereen die het al eens probeerde.
Ik wens iedereen een NGMAR GATIMAH TOWAH
Ik hoop dat u allen nog vele jaren in SIMCHE en SJOLEM temidden van al die genen die u lief zijn mogen doorbrengen.
 
Blijf gezond.
Omijn
 
Alex Waterman
Yom Kippur 9 Tisjri 5781 / 27 september 2020

Emor 2020

Sidra Emor, dat we morgen gaan lezen, geeft een nauwkeurige omschrijving van de beperkingen waar de kohaniem zich aan moesten houden, evenals de beperkingen met betrekking tot de offers die konden worden gebracht.  Vervolgens worden de voorschriften van Sjabbat, het tellen van de Omer, en alle feestdagen van het jaar beschreven. Het constant brandende licht (in de Menora) en het toonbrood van het Misjkan worden beschreven en de sidra sluit af met de wetten met betrekking tot godslastering.
 
Dat even in vogelvlucht wat we morgen gaan lezen . En wat ook heel belangrijk is voor ons hele “zijn”,  dat is een heel klein zinnetje in het midden van deze Sidra staat. Een klein zinnetje dat zegt: ”Jullie zullen Mijn heilige naam niet ontwijden, maar ik zal geheiligd worden te midden van de Israëlieten.”.   Het ontwijden van de naam van Hasjeem wordt in de Talmoed uitgelegd met het feit dat men eerder bereid moet zijn het eigen leven op te geven dan zijn wetten te ontkennen, bijvoorbeeld wanneer men wordt gedwongen tot meedoen aan afgodendienst of om jezelf als Jood te verloochenen. In dat kader wordt deze zin zelfs aangehaald en gebruikt voor de zes miljoen slachtoffers van de Sjoa, die simpelweg werden vermoord, enkel en alleen omdat zij Joden waren en omdat zij hun Jood zijn niet wensten te verloochenen zoals er staat geschreven.
 
Afgelopen maandag was het 4 mei. De dag van de herdenking van alle slachtoffers van de tweede wereld oorlog.  Ik was zelf door de omstandigheden net als alle anderen thuis. Denkend aan de talloze keren dat ik van jongs af aan, aan de hand van mijn moeder, werd meegenomen naar de Hollandse schouwburg. Dat was de plaats van waar mijn familie en vele andere Joodse families naar Westerbrok werd afgevoerd. De plaats vanwaar mijn vader en moeder voor het allerlaatst een groot deel van hun broers en zusters, neven en nichten oud en jong hebben gezien. En een plaats vanwaar zij afscheid hebben genomen van hun ouders. Dat herdenk ik op 4 mei. En ik herdenk ook de meer dan 100.000 Nederlandse Joden die zijn weggevoerd en nooit meer zijn teruggekomen. Daar denk ik aan. Ik denk aan de vrijhaven die ons na die verschrikkelijke jaren is geboden in de vorm van Eretz Jisraeel. En ik denk dat het ons tot op de dag van vandaag nog steeds niet is gegund. En ik denk aan het fenomeen dat er onder het mom van anti-zionisme nog steeds de verschrikkelijke antisemitische geluiden hoorbaar zijn.
 
Zijne koninklijke hoogheid Koning Willem Alexander spraak op de dam en ik citeer ”Oorlog werkt generaties lang door. Nu, 75 jaar na onze bevrijding, zit de oorlog nog steeds in ons. Het minste wat we kunnen doen is: niet wegkijken.”
Ongeveer 30 meter van hem af stond (met ambtsketting om) burgemeester Femke Halsema. Wat zou zij bij die woorden denken? Denkend aan al die keren dat Michael Jacobs een appel op haar heeft gedaan om de demonstratie van Simon Vrouw op de Dam met een heel duidelijk (in anti-zionisme verpakte) demonstratie met een antisemtisch kenmerk te verbieden. Maar helaas, ondanks dat antisemitisme nadrukkelijk wordt verboden in 137 van het Wetboek van Strafrecht, vindt zij nog steeds dat het recht op demonstratie (artikel 9 in onze grondwet) moet prevaleren. Zelfs als hieruit een strafbaar feit volgt. En dat kan nooit de bedoeling zijn geweest van de wetgever. Daarmee kijkt zij dus eigenlijk weg van het latent aanwezige antisemitisme. Misschien dat zij nog maar eens heel diep moet nadenken wat er kan gebeuren als zij blijft wegkijken. Ik hoop niet dat haar reactie zal zijn “Ich habe es nicht gewusst”……….
 
Vrijheid is een groot goed. En ik ben heel blij dat wij nu in vrijheid kunnen leven. Ondanks het feit dat die vrijheid op dit moment voor een gedeelte wordt beperkt. Maar dat is een tijdelijke beperking in het belang van ons allemaal en niet in het belang van een onderdrukker. Vrijheid is niet vanzelfsprekend.
Vrijheid is een werkwoord. Er blijft voor ons allemaal dus werk aan de winkel.
 
Afgelopen 4 mei werd in de nieuwe kerk door Rabbijn Sebag een Jizkor uitgesproken. Wat mij opviel was dat dit niet het Jizkor gebed was voor de slachtoffers van de Sjoa.
Ik wil wel graag de Nederlandse vertaling van het Jizkor gebed voor de slachtoffers van de Sjoa opzeggen.
 
God, Hoogverhevene, vol van liefde, geef rust en harmonie, door uw beschermende aanwezigheid te midden van de zielen van de heiligen en zuiveren, die als lichten in de duisternis stralen, aan de zielen van de zes miljoen Joden, slachtoffers van de Sjoa, mannen en vrouwen, jongens en meisjes. Allen waren zij heilig en zuiver. Onder hen bevonden zich grote geleerden en rechtvaardigen. Zij werden vermoord, verbrand en om het leven gebracht als martelaren door de Duitse beulen en hun trawanten van andere nationaliteiten in Auschwitz, Bergen Belsen, Dachau, Majdanek, Mauthausen, Sobibor, Theresienstadt, Treblinka en de andere vernietigingskampen in de Europese diaspora. De hele gemeenschap bidt voor hun zielenrust. Moge hun zielen opgenomen zijn in de bundel van het eeuwige leven, in Uw beschermende aanwezigheid, samen met de zielen van onze voorouders en alle rechtvaardigen, die de eeuwige rust genieten en mogen wij altijd in liefde met hun verbonden blijven. Omijn.
 
Ik wens u allen een Sjabbat sjalom in vrijheid.
 
Pas een beetje op elkaar

Naso 2020

Morgen lezen we Parashat Naso.
 
De parsje in vogelvlucht vertelt het verhaal van:
 
– Volkstelling van Gersonieten, Merarieten en Kehatieten die dienen in de ontmoetingstent.
– Rituele onreinheid door tza’arat (een soort Bijbelse lepra), zav (genitale emissies) en toemat met (rituele onreinheid door de dood).
– Het Sota ritueel van de vrouw die van overspel wordt verdacht.
– De Nazir: de man of vrouw die zich toewijdt aan een ascetisch leven zonder wijn en zonder het haar te knippen.
– De Priesterzegen (Birkat Kohaniem).
– Het opzetten van het tabernakel en de twaalf stamleiders die hun vrijwillige offers komen brengen.
– Mosjé spreekt met de G’d in de ontmoetingstent.
 
Het vreemde van een aantal van deze elementen is dat ze niet bewezen behoeven te worden. Een verdenking is al voldoende om het vervolg in gang te zetten. Zo is een verdenking van overspel van de vrouw al voldoende om het sota ritueel in gang te zetten. Van gelijkheid van rechten had men in die tijd nog helemaal niet gehoord dus overspel van mannen kon nooit voorkomen. Hoewel overspel dus niet zeker is, betekent het woord sota: ‘afwijkend’. Dat betekent dus dat de vrouw zich niet normaal gedraagt en afwijkt van de vertrouwensrelatie tussen man en vrouw. Daardoor gaat haar man aan haar twijfelen. Die twijfel is dus een vermoeden van ontucht. Het zijn géén feiten maar slechts verdenkingen.
 
Maar er staat ook geschreven dat een man zich sympathiek en vergevingsgezind moet opstellen tegenover zijn vrouw. In de talmoed staat: “Een man mag zijn vrouw niet bang maken. Wanneer een man een te sterk stempel op het huishouden drukt, bestaat de kans dat zijn vrouw het rechte pad verlaat.
 
Dat lijkt natuurlijk met elkaar in tegenspraak. Aan de ene kant mag je met een vermoeden al actie ondernemen en aan de andere kant moet je jezelf wel vergevingsgezind opstellen en dus niet gelijk actie ondernemen.
 
Persoonlijk denk ik dat het onschuldig zijn totdat de schuld is bewezen nog altijd het beste is in een democratie waarin wij leven.
Maar laten we eerlijk zijn…..als ik dit zo zeg dan zal iedereen het er mee eens zijn. Ik kan me echt niet voorstellen dat er mensen zijn die het hier mee oneens kunnen zijn. En toch zijn er heel veel mensen die dit principe zo nu en dan aan hun laars lappen. In dat geval is het prediken van iets, iets heel anders dan de actie die wij nemen.
 
Als voorbeeld kan ik bijvoorbeeld de #metoo acties die in het recente verleden hebben plaatsgevonden. Iemand beschuldigde iemand…..de media namen het over en de persoon in kwestie was al door heel veel mensen schuldig bevonden voordat een rechter zich erover heeft kunnen buigen. En natuurlijk vind ik ook dat de #metoo affaires aan het licht moesten komen en dat de daders gestraft moesten en moeten worden. Laat daar geen misverstand over bestaan. Ik vind alleen wel dat men zeer terughoudend moet zijn met het uiten van beschuldigingen.
 
Tot slot wil ik nog even (uiteraard) onze Corona maatschappij benoemen. Gelukkig gaat alles heel langzaam weer een beetje genormaliseerd worden. Terrasjes gaan weer open, Restaurants kunnen weer voor een gedeelte open gaan, scholen gaan weer open, het aantal mensen dat in ziekenhuizen en met name op de IC’s ligt is gelukkig gedaald. Maar laten we met zijn allen wel verstandig blijven. Laten we de drukte vermijden. Is het niet alleen om ons zelf niet ziek te maken dan is het wel om anderen niet ziek te maken.
 
Ik verwijs tot slot nog even naar onze virtuele bijeenkomst via zoom van 17 juni a.s. om half 8 ’s avonds. De zoom meeting is via een extra beveiligd kanaal van Masorti Olami. Dus ik kan alleen maar zeggen dat het veilig is om deel te nemen. Bel in……….gewoon om elkaar weer even te zien en te spreken. Zien en horen hoe het met elkaar gaat. Soms hebben we allemaal even een luisterend oor nodig.
 
Ik wens iedereen een Sjabbat Sjalom.
 
Blijf gezond en let een beetje op elkaar.
 
Omein

Sjemini 2020

Deze week lezen we Parashat Shemini.

Shemini betekend “de achtste”. Het verwijst naar de eerste Nissan…… de dag waarop het Misjkan was gevestigd. Hier waren zeven dagen van inwijding aan voorafgegaan. In deze periode onderwees Mosje Aharon en zijn zonen  de orde van de offerdienst. Hierbij treft Hasjeem de 2 zonen van Aharon (Nadav en Avihoe) omdat zij (zoals staat geschreven) vreemd vuur brengen. Daarmee wordt natuurlijk bedoeld omdat zij alleen te werk gingen zonder daarbij het belang van iedereen te behartigen. Zonder eerst Mosje te raadplegen voordat zij te werk gingen.

Mosjé troost Aharon, die in stilte treurt. Mosjé geeft verder de Kohaniem instructies hoe zij zich moeten gedragen tijdens hun rouw¬periode, en waarschuwt hen dat zij geen sterke drank mogen drinken voordat zij in het Misjkan dienst gaan doen. Ook wordt het kasjroet behandeld in deze parasha.
Zo wordt verteld welke land dieren (herkauwers en gespleten hoeven), zee dieren (vinnen en schubben) lucht dieren (geen roofvogels) en zelfs ook een viertal soorten sprinkhanen kosher zijn. En tot slot wordt het Joodse volk opgedragen zich af te scheiden en heilig te zijn – zoals Hasjeem zelf heilig is.
Hier lezen wij dus dat wij anders zijn. Anders. Niet beter…… niet slechter …….. maar gewoon anders. Uitverkoren anders…….Ziehier 1 van de ontstaans redenen van het feit dat wij joden het uitverkoren volk zijn. Ik heb mensen vaak horen verzuchten: “kunnen we de komende 1000 jaar niet een ander volk nemen als uitverkoren volk?”

Want anders zijn dat mag natuurlijk niet. Er zijn er zat die ons daarom vervolgden. Ook in deze tijd van de Corona pandemie hoor je sommige mensen zeggen dat wij Joden natuurlijk het virus in de wereld hebben gebracht…..
waarom?
Omdat wij dan zouden kunnen verdienen aan het vinden van een vaccin. En er zijn zelfs individuen die durven te stellen dat het vaccin al lang aanwezig is in Israel maar dat het bewust wordt achtergehouden. Een volstrekt abjecte gedachte natuurlijk. Maar dit soort complot theorieën zijn natuurlijk ook het gevolg van het feit dat wij joden anders zijn. En dat anders zijn is dan weer een voedingsbodem voor jaloezie. Door de eeuwen heen zijn wij natuurlijk gewend geraakt aan deze uitverkorenheid…..alhoewel…..het went nooit.

Als je in deze wereld anders bent zul je ook anders worden behandeld. Dat is eigenlijk een algemeen geaccepteerd addagium. Totdat het jezelf betreft of jouw naasten. Dan is het namelijk niet meer zo begrijpelijk om anders dan anderen behandeld te worden.  Helemaal vandaag de dag als de wereld zo langzamerhand geregeerd wordt door de angst voor Coronabesmetting. En dan zie je ook dat landen op het punt van de pandemie schouder aan schouder kunnen staan. Landen kunnen heel even hun onderlinge strijd  neerleggen. Samen vechtend tegen deze onzichtbare maar oh zo gevaarlijke tegenstander. De wereld kijkt dan ook ineens met andere ogen naar Israel. De BDS organisatie heeft aangegeven in dit geval een uitzondering te willen maken en het vaccin ontwikkeld en gemaakt in Israel wel te willen aanschaffen en gebruiken. Dan zijn wij Joden even niet meer anders……….
Maar ik heb nieuws voor deze BDS organisatie. Wij joden blijven ook anders. Da’s onze opdracht van Hasjeem. Dat kunnen we deze week tenslotte lezen in Shemini.

Ik wens iedereen Sjabbat Sjalom.
Blijf gezond en pas een beetje op elkaar

Tsav 2020

In de parasha van de week, Tsav, (afgeleid van het werkwoord Tsawah, regels opstellen) zo vlak voor Pesach, gaat het over de instelling van de offerdiensten, waarbij Aharon en zijn zonen door Hasjeem worden uitgenodigd om verscheidene offers, zoals het hersteloffer; het reinigingsoffer en het graanoffer samen met Hem te eten. En ik wilde het vandaag speciaal hebben over offers.
Het begrip offer zelf is niet verouderd. Het is een nog steeds bestaand woord.  Het afstaan van iets dierbaars of het aanbieden van iets kostbaars voor een goed doel in plaats van het eigenbelang heeft nog alle actualiteit.
 
Binnen kort is het dus pesach. Daarin herdenken wij de uittocht vanuit Egypte. De verlossing van het juk van de slavernij. Dat ging niet zomaar. Niet zonder slag of stoot. Mosje ging naar de Farao en vroeg om de vrijheid van zijn volk. Dat was hem opgedragen door Hasjeem. Omdat de Farao niet wilde luisteren werden hij en zijn volk getroffen door 10 plagen.
 
Bij de eerste plaag veranderde de rivier de Nijl in bloed zodat de Egyptenaren zeven dagen niets konden drinken.
De tweede plaag was de plaag met de massa’s kikkers uit de Nijl die overal rondsprongen.
De derde plaag was die van de kleine diertjes, zoals muggen en luizen die de mensen en dieren beten.
De vierde plaag was van de wilde dieren die alles verscheurden.
De vijfde plaag was de pest waarbij alle dieren van de Egyptenaren doodgingen terwijl de dieren van de Joden bleven leven.
De zesde plaag was huiduitslag.
De zevende plaag was hagel dat het land teisterde
Bij de achtste plaag kwamen sprinkhanen en die aten de hele oogst op. De negende plaag was totale duisternis. Men kon niets zien. Alleen bij de Joden was het licht.
Na de negende plaag moesten de Joden een lammetje kopen en het bloed van het lammetje uitstrijken aan de zijkanten en bovenkant van de huisdeuren.
En als laatste en tiende plaag werden alle oudste jongens van de Egyptenaren gedood. De joodse jongetjes werden gespaard omdat daar het bloed van het lammetje aan de deurpost zat. Het zogenaamde pesachoffer.
 
Hier komt weer het woord offer om de hoek kijken.
 
En de parallel die te trekken is is dat ook wij dus een offer (binnen blijven)  moeten brengen alvorens wij onze vrijheid weer kunnen terugkrijgen.
In deze tijd brengen wij allemaal een heel groot offer. Wij geven voor een gedeelte onze vrijheid op. Voor ons als mens is het een enorme opoffering om niet meer te kunnen gaan en staan waar wij willen. Om ons zelf binnen op te sluiten om uiteindelijk te voorkomen dat onze dierbaren ziek worden. En misschien nog erger dan dat. En wij doen dat uit de volle overtuiging dat wat wij doen nut heeft.
 
Destijds waren er 10 plagen nodig om de Farao te kunnen overtuigen om ons vrij te laten. Ik hoop oprecht dat wij met deze plaag……..deze pandemie ons gewoon aan de regels houden. Alleen dan zullen wij onze vrijheid herwinnen
En laten we hopen met zo min mogelijk slachtoffers.
 
Laten we denken aan elkaar. Aan alle medewerkers in de zorg die zo keihard hun best doen om er te zijn voor ons.
 
Ik kan alleen maar de Italiaanse premier herhalen. Die zei: “door nu afstand te bewaren van elkaar kunnen we ervoor zorgen dat we elkaar binnenkort weer kunnen omhelzen”. Mooi gezegd toch?
 
Ik wens u allen Sjabbat Sjalom en een koshere pesach. We kunnen helaas dit jaar de seideravond niet met velen bij elkaar vieren. Alleen in gezinsverband. We denken daarbij wel aan elkaar en laten we hopen dat volgend jaar de seider weer op de normale manier gevierd kan worden. Zoals we altijd zeggen met Pesach: Lesjana haba b’Jerusjalajim.
 
Blijf gezond en pas een beetje op elkaar.
 
Omein.